Posted in Columns

Intense zelfhaat

Intense zelfhaat Posted on 5 november 2014Leave a comment

Rotterdams, Rauw, Rebels & Authentiek. Mensen denken vaak dat ik stoer ben, maar ik ben een zachtgekookt eitje. (Online) marketingcommunicatie is zeg maar echt mijn ding. Net zoals schrijven, tatoeages, lezen, slapen en eten. Let's klets op Instagram en Twitter.

Basisschool
“Ja, bent toch dik, je kan wel wat hebben als je valt, toch?”
“Zo’n Levi’s 501 (was toen mode) kan jij nooit in, daar ben je veel te dik voor.”
“Hey bolle, ga je een frietje voor me halen? Zo’n vetzak als jij komt toch elke dag bij de friettent?”

Middelbare school
“Denk je niet dat je te dik bent voor zo’n shirtje?” – over een crop top die toen 5 cm boven mijn broekband kwam.
“Ik denk niet dat hij op dikke meisjes valt hoor, maar je kan het natuurlijk proberen,” – over de school-hunk waar ik later gewoon verkering mee kreeg. Lekker puh.
“Zou je dat nou wel eten? Je wordt nu wel dik” – over het kaasuienpizzabroodje. Niemand ontzegt mij een kaasuienpizzabroodje.

Dit is maar een greep uit de pesterijen die ik over me heen kreeg tijdens die twee periodes. Ik weet niet alles meer, omdat ik voornamelijk nooit luisterde, niks opsloeg en het me weinig interesseerde. Dacht ik. Uiteindelijk bleek dat deze opmerkingen een vlammetje waren voor de ontsteking van mijn onzekerheden over mijn figuur.

Toen ik mijn vervolgopleiding ging doen, kwam het niet meer voor. Alleen was het kwaad al geschied. Het complex was als een onzichtbare tumor gaan groeien en een eigen leven gaan leiden. Ik ging handelen naar die tumor. Ik luisterde naar wat het stemmetje in mijn hoofd tegen mij zei. Ik zocht allerlei manieren om snel slank te worden.

De pesterijen van de basisschool en de middelbare school hoorde ik niet eens meer in mijn achterhoofd. Het was mijn eigen stem geworden. Ik sprak hatelijk tegen mezelf. “Je bent dik, moet je nou zien! Je ziet er niet uit. Hoe durf je zoiets te dragen. Dat kan je toch niet maken?”  Voor jaren was ik mijn eigen plaaggeest. Waarom zouden ze zoiets zeggen als het niet waar zou zijn? Dit is een zin die regelmatig in mijn hoofd afspeelde. Ik kon er ook niets meer van maken. Ik had de kracht niet om tegen mezelf te zeggen dat het niet zo was. Mijn eigen stem was niet sterk genoeg. Dacht ik.

Jarenlang heb ik een strijd geleverd met mijn figuur. Ik weigerde om bepaalde kleding aan te trekken, omdat ik vond dat ik daar te dik voor was. Ik ging voor de spiegel staan zodat mezelf ziekelijk kritisch van de zijkant kon bekijken. Om vervolgens weer als een gestoorde chick naar mezelf te kijken vanaf de voorkant. Ik kon mezelf niet zien vanaf de zijkant. Die buik die uitstak. Ik werd er niet goed van. Hierdoor werd ik overvallen door een ontzettend negatief gevoel en de kleding die ik aanhad, direct uit moest. Met tranen in mijn ogen liep ik weg van de spiegel om mijn normale – veel te losse – kloffie weer aan te trekken. Dan zag je tenminste niets.

De knop ging om en ik ging me intensief bemoeien met afvallen. Ik moest en zou afvallen. Slank worden was dat doel. Dan kon ik tenminste de kleding aan die ik aan wilde, zonder mezelf te haten. Vanaf de zijkant of de voorkant. Dit heb ik anderhalf jaar lang volgehouden. Natuurlijk met af en toe een flink uitgelijder naar enkele fastfood restaurants. Het was te doen. Ik woog 75 kilo, op mijn lichtst 73, en ik was er nog niet oke mee. Ik vond mezelf nog steeds te dik. Mijn buik stak nog steeds uit en ik was boven alles nog steeds ontevreden.

De intense zelfhaat die ik had, herkennen vaak alleen vrouwen. Het moment dat je in de spiegel kijkt en dat je zodanig van jezelf walgt, dat je wel in janken uit kan barsten. Om vervolgens de koelkast te plunderen. Emotie-eten is namelijk de oplossing om wat te doen aan je rotgevoel. Het stemmetje in mijn hoofd kon zo ontzettend tekeer gaan, dat het gewoon eng was.

Alleen niemand wist dat ik zo’n ontzettende hekel aan mezelf had. Niemand wist dat ik mezelf kapot aan het maken was in mijn hoofd. Niemand wist dat ik de enige was die mijn gevoel kon veranderen. Het maakte niet uit dat ik vaak hoorde dat ik ‘heus niet dik was’ of dat ik er ‘wel mooi uitzag’. Het deed er niet toe. In mijn ogen logen ze tegen me. Ik was namelijk wel dik. Moet je dit zien (knijpt in bovenbenen), moet je dat nou zien (knijpt hard in buik en lovehandles). Ik haatte mezelf en er was niemand die mij iets anders kon doen laten geloven.

De kilo’s kwamen er weer aan. Want met zelfhaat komt eten. Zo werkt dat. Niet veel. Een kilo of vijf. Soms zes, soms vier. Ondertussen had ik nog steeds een hekel aan mezelf. Ik kon nog steeds in de spiegel kijken en met oprechte walging naar mezelf kijken. Om me vervolgens ontzettend ziek te eten aan een paar zakken chips met een tosti (of twee) als toetje. Zodat ik mezelf weer kon haten. Het was een vicieuze cirkel en ik was de enige die het kon doorbreken.

So i did, zoals ik al eerder heb beschreven. Het stemmetje wordt steeds minder hard. De verslaving om mezelf kapot te praten, wordt al stukken minder. En soms moet ik echt hardop nog tegen mezelf zeggen dat het oké is dat ik een buikje heb en dat mijn heupen misschien wat breder zijn dan norm die gesteld is door de media.

Wil ik nu zeggen dat ik volledig zeker ben van mezelf? Nee. Echt niet. Ik ben blij met hoe ik eruit zie. Als ik in de spiegel kijk, haat ik mezelf niet meer. Als ik in de douche sta, kan ik naar mijn buik kijken en werkelijk denken: Het is wat het is. Ik weet waar mijn onzekerheid is ontstaan, waardoor ik nu weet waar ik het moet aanpakken. Welke stem ik kapot moet maken in mijn hoofd, zodat ik mezelf niet kapot maak. Maar het allerbelangrijkste is dat ik weet welke stem ik moet laten spreken om me beter te laten voelen. Helemaal weg is het nog niet. Soms steekt het de kop op om te zeggen dat ik inderdaad dik ben en dat ik moet afvallen, maar nu heb ik in ieder geval een weerwoord. Ik kan zeggen dat het de tering kan krijgen en dat ik zelf beslis of ik inderdaad wil afvallen of niet. En zo kom ik langzaam van mijn onzekerheden af en accepteer ik langzaam dat van jezelf houden dus echt wel mag.

Rotterdams, Rauw, Rebels & Authentiek. Mensen denken vaak dat ik stoer ben, maar ik ben een zachtgekookt eitje. (Online) marketingcommunicatie is zeg maar echt mijn ding. Net zoals schrijven, tatoeages, lezen, slapen en eten. Let's klets op Instagram en Twitter.

Wat vind jij?